Een oudere en schijnbaar vereenzaamde man in het verpleeghuis, kreeg de vraag of hij nog zin had in het leven. Zijn antwoord was resoluut: ’Elke zaterdagochtend ga ik koffiedrinken bij mijn buurvrouw. Ik kan haar natuurlijk niet in de steek laten’. Eén uur per week was hij van grote waarde voor zijn buurvrouw.

Met dit mooie voorbeeld in mijn achterhoofd las ik een opinie artikel over de waarde van een mens. Daarin werd de vraag gesteld: wat is jouw waarde? Eerlijk gezegd had ik daar niet direct een antwoord op. Dat is nog lastig. Wat ben je eigenlijk waard? Hoe bepaal je dat? Daarom dacht ik eerst aan een topvoetballer.

Is een topvoetballer 80 miljoen waard als hij voor dat bedrag verkocht wordt en miljoenen per jaar verdient? Voor zijn prestaties is hij wel afhankelijk van zijn medespelers en het teamspel waaraan hij bijdraagt. Had ik als manager meer waarde dan degenen aan wie ik leiding gaf, omdat ik toevallig vaardigheden had te managen en daarvoor een hoger salaris kreeg? Zonder personen om leiding aan te geven zou ik als manager nul waarde hebben gehad.

De waarde van een mens ontstaat vooral in zijn relatie tot de ander. Hoe de voetballer samenspeelt met zijn teamgenoten en zo met mooi voetbal het publiek pleziert. Hoe ik als manager dienstbaar was aan collega’s en hen hielp de juiste dingen te doen.

Ik onderschrijf het antwoord in het opinie artikel op de vraag ‘wat is jouw waarde’: DAT WAT JE BETEKENT VOOR DE ANDER. Dat laat zich niet uitdrukken in geld, maar in immateriële waarden als aandacht, vriendelijkheid en dienstbaarheid.

Of dat nu voor heel veel mensen een beetje is of voor een iemand alles. Ook al is het maar één uur per week. En omdat we allemaal met elkaar verbonden zijn heeft iedereen waarde, op zijn eigen wijze.

Wat is jouw waarde?